Een gebroken C-drive, die onze koers veranderde
We waren nog maar net onderweg van Vuda Marina naar Denarau, een kort stukje van vijf zeemijl tegen wind en golven in, toen het gebeurde. Twee meter hoge golven sloegen tegen de boeg, de motor bromde onverstoorbaar, tot we een vreemd geluid hoorden: een ritmische tik, niet luid maar onmiskenbaar, alsof er ergens diep in het metaal iets niet helemaal lekker meedraaide. We keken elkaar aan, hoort dit zo, of niet? Tien minuten later was er alleen nog stilte. Geen knal, geen rook, geen paniek. De motor viel gewoon stil.
Tijdens het varen bleek er een lijn in de schroef te zijn gekomen. Nadat we deze hadden verwijderd, leek alles weer in orde, tot we merkten dat de aandrijving niet meer normaal functioneerde. Wat later bleek: de lower gearbox van de C-drive was gebroken.
De wind greep ons direct. Langzaam blies hij ons weg van de koers, en dus deden we wat zeilers doen: zeilen. We hesen de fok, stelden het grootzeil en de mizzenzeil bij en tackten rustig verder richting Denarau. Hoe dichter we bij land kwamen, hoe vriendelijker de zee werd. De hoge golven vlakten af, het water kleurde lichter en de spanning in mijn schouders zakte met elke vlaag.
Het laatste stuk is smal, tussen twee koraaleilandjes door, nog een halve mijl tot de ankerplek waar al jaren een roestige kolos ligt, een oud cruiseschip dat precies in de weg ligt voor een lange tack. Terwijl we onze koers plannen, duiken in de verte twee lokale zeilboten op. Ze varen met toeristen, zonder AIS-signaal, en komen met hoge snelheid recht op ons af. We roepen ze op via kanaal 16, maar krijgen alleen ruis terug. Dus schatten we hun koers in, blijven zo ver mogelijk uit de weg en tacken kort achter elkaar. Eén keer, nog een keer, dan de laatste tack naar bakboord, net op tijd zodat de eerste zeilboot rustig achter ons langs kan varen. Ook bij de tweede boot gaat het goed.
En dan eindelijk de ankerplek. Jeroen staat voorop met het anker klaar terwijl ik de zeilen inrol. Zodra we liggen, start Jeroen de motor opnieuw en tot onze verbazing loopt hij weer als een zonnetje, soepel en betrouwbaar, alsof er niets gebeurd is. De versnellingsbak reageert keurig: vooruit, vrij, achteruit. De olie is schoon en helder, de Vetus-koppeling, die rubbergedempte verbinding tussen motor en schroefas, ziet eruit als nieuw. Dat klopt ook, want de vorige eigenaar had zowel de gearbox als de koppeling kort voor onze aankoop vervangen.
Alles lijkt in orde, tot Jeroen de aandrijfas met de hand ronddraait. In z’n vrij loopt hij soepel, behalve af en toe, dan hapert er iets, een kleine schok, alsof er binnenin iets tegenhoudt. Dat is het eerste teken dat het probleem dieper zit, in de C-drive (het Amel-systeem dat de aandrijving via twee tandwielkasten door de kiel naar de schroef brengt).
Onder water als Jeroen de propeller met de hand ronddraait, loopt hij één of twee keer soepel en dan ineens… blok, vast. Na een paar wiebelbewegingen schiet hij weer los, alsof er iets kleins tussen de tandwielen terechtkomt en dan weer loslaat.
Langzaam wordt duidelijk wat er gebeurd is: toen de lijn in de schroef draaide, heeft die waarschijnlijk schade veroorzaakt in de onderste tandwielkast, diep in de kiel, de lower gearbox van de C-drive. Een of meer tandwielen zijn daarbij beschadigd, waardoor de aandrijving niet meer vrij kan draaien. Op zee betekende dat: de schroef blokkeerde plotseling, de motor kon zijn kracht niet kwijt en viel stil.
Alles wijst naar de onderste gearbox van de C-drive. Dat deel ligt ingebouwd in de kiel, volledig ingegoten met glasvezel en epoxy. Ooit ontworpen om levenslang mee te gaan. Het nadeel van die constructie is dat je er niet bij kunt: geen inspectieluik, geen bout, geen klep. De enige manier om erbij te komen is het glasvezel open te slijpen tot het metaal zichtbaar wordt. Daarna kan de gearbox worden uitgebouwd en gereviseerd, als de onderdelen tenminste nog te vinden zijn.
De scenario’s:
- Revisie: de gearbox wordt uitgebouwd, opgestuurd en gerepareerd. Als de schade beperkt is, is dit de meest logische en haalbare route.
- Vervanging: als revisie niet mogelijk blijkt, moet een nieuwe C-drive worden ingebouwd. Dat is een precisieklus waarbij alles opnieuw moet worden uitgelijnd, gecoat en waterdicht gemaakt. Kosten: rond de 30.000 euro.
- Creatieve oplossing: misschien kunnen we lokaal iets proberen, de gearbox gedeeltelijk openen zonder alles uit te bouwen, maar dat is onzeker zolang we niet weten wat er precies mis is.
De motor is gezond, de koppelingen zijn goed, maar diep in de kiel ligt een mechanisch probleem dat vraagt om geduld en precisie. Een klein stukje metaal op de verkeerde plek, met grote gevolgen.
We besluiten het plan te veranderen: de haul-out in Denarau gaat niet door, want daar kun je hooguit een maand op de kant staan, en als we onderdelen moeten bestellen duurt dat veel langer. Vuda Marina heeft meer ervaring met langdurige projecten en begrijpt dat wachten soms het enige is wat je kunt doen. Ze hebben pas over een week plek.
We hadden een local ingehuurd om ons de marina in te helpen en hebben hem nu gevraagd om ons ook te begeleiden naar Vuda Marina. Helaas krijgen we hem niet meer te pakken; zijn telefoon blijft uit. Jammer, maar typisch voor hier, dingen lopen zoals ze lopen.
Eerst proberen we te zeilen, maar de wind valt volledig weg. Dus monteren we onze eigen dinghy naast My Motu, en met 2,5 knoop snelheid varen we rustig richting Vuda Marina. Onze dinghy is vandaag onze held.

Voor de ingang van de marina ligt één mooringball, en we hopen dat we die kunnen pakken. Op de AIS zien we dat we niet de enigen zijn die koers zetten naar Vuda. Op kanaal 11 klinkt het ene gesprek na het andere, een drukte van belang. Op 1,4 zeemijl afstand horen we dat de marina iemand adviseert om de mooringball te nemen zodat Customs naar hen toe kan komen.
Ik roep de marina op en leg uit dat wij nog 1,4 mijl verwijderd zijn, geen motor meer hebben en hoopten dat wij de mooringball konden gebruiken. Het antwoord is beter dan verwacht: ze beloven ons te helpen zodra we dichterbij zijn. Dus varen Jeroen en ik rustig verder richting de ingang en draaien op het laatst rondjes voor de marina. Het is druk, boten komen naar buiten, anderen weer naar binnen, maar na zo’n twintig minuten zien we twee panga’s van de marina onze kant op komen.
Ze begeleiden My Motu veilig naar binnen en even later liggen we vast in het midden van de baai, naast een motorcatamaran die later die dag zal vertrekken. Zodra die weg is, komen we precies voor de ingang van de haul-out te liggen. En dan komt het goede nieuws: er is iemand uitgevallen en wij mogen morgen op hun plek het water uit. Een opluchting, alsof het universum even meewerkt.


En daar liggen we nu. Veilig, maar stil. Wat dit betekent? Geduld, flexibiliteit en vertrouwen. Misschien houdt het in dat we eerder dan gepland naar Nederland gaan om te werken en onderdelen te regelen, misschien ook niet. Nieuw-Zeeland is voorlopig geen vanzelfsprekendheid meer. Maar zoals altijd aan boord van My Motu zijn plannen vloeibaar. We bewegen mee met de zee, met het leven, en met wat zich aandient. En soms zegt stilte meer dan een knal.
De volgende dag krijgen we bevestiging dat we later die middag op de planning staan. Dan is het zover: twee locals van de marina komen aan boord, terwijl een panga ons begeleidt en de boot de haul-out in duwt. Terwijl ik rustig aan het roer sta, maken de mannen de lijnen vast. Het blijft een spannend moment, het zien hoe je huis langzaam uit het water wordt getild.




Dan begint het echte speurwerk. Het voelt een beetje alsof we een chirurgische ingreep uitvoeren, maar dan aan onze eigen boot. Jeroen begint met het loshalen van de motor. De motor wordt voorzichtig verschoven om ruimte te maken in de machinekamer. Daarna begint hij aan de volgende fase: de gearbox loskappen. De bouten gaan verrassend soepel los. Het geluid van metaal op metaal vult de boot, afgewisseld met stiltes waarin we alleen het tikken van een steeksleutel horen.
Daarna is de beurt aan de Vetus-koppeling, die beruchte verbinding tussen motor en C-drive, het hart van het aandrijfsysteem. Jeroen haalt de koppeling los en bekijkt elk onderdeel zorgvuldig. Alles ziet er nog verrassend goed uit, geen scheuren, geen speling, geen slijtage die de oorzaak kan zijn van het probleem.
Maar om bij de lower gearbox van de C-drive te komen, moet hij nog een stukje verder, en dat betekent: zagen. Met de haakse slijper in de hand, veiligheidsbril op en de geur van fiberglas in de lucht, begint hij aan de laatste barrière. Het geluid is schel en doordringend, witte stof dwarrelt door de lucht. Het voelt vreemd, alsof we het hart van ons huis openleggen.







Twee dagen later ligt de gearbox eindelijk los op de werkbank. Een compact blok vol beloftes en mysteries. Jeroen draait het open, bekijkt de tandwielen één voor één, en dan zien we het: afgebroken randen, afgebroken tanden. Onze ergste vrees wordt werkelijkheid. De lower gearbox is kapot, onherstelbaar volgens Amel.
We kijken elkaar even aan. Er is geen frustratie, geen vloek, alleen een stille bevestiging.
We weten wat dit betekent: we zullen dit jaar niet naar Nieuw-Zeeland gaan, maar terug naar Nederland. Om te werken, om onderdelen te regelen, om met Amel te overleggen over de enige mogelijke oplossing.

Die avond drinken we een glas wijn in de kuip, tussen het gereedschap en de stapels handdoeken die ooit wit waren. De lucht is zacht, de havenlampen weerspiegelen op het water, en ergens in de verte klinkt muziek.
‘Nou,’ zegt Jeroen, ‘we hebben tenminste wéér wat geleerd.’
Ik lach. ‘Ja, dat is waar.’


REACTIES AAN BOORD
Laat een bericht achter
Deel een gedachte, vraag of groet. Je reactie wordt eerst door Aagje gelezen voordat hij hier verschijnt.
Reacties laden…