MY MOTU SAILING LOG
Menu
/
Afscheid, meewind en een onverwachte redding
Terug naar alle blogs

LOGBOEK · FIJI

Afscheid, meewind en een onverwachte redding

Na het afscheid van Lille Venn en Flora volgt een tocht met meewind, hoge golven en een onverwachte reddingsactie.

17 juli 2026 · Aagje van den Heuvel

Afscheid, meewind en een onverwachte redding

Zodra we Fulaga achter ons laten, overvalt mij een gevoel van verdriet. Lille Venn is voor ons veel meer dan zomaar een buddyboot. Sinds we samen vanuit Panama de Stille Oceaan zijn overgestoken, inmiddels ruim twee jaar geleden, hebben we ontelbare mijlen, ankerplaatsen en avonturen met elkaar gedeeld. Ralph en Barbara zijn uitgegroeid tot echte vrienden, mensen op wie wij altijd kunnen rekenen en die zonder aarzelen klaarstaan wanneer dat nodig is.

Barbara weet keer op keer de heerlijkste maaltijden op tafel te zetten en Ralph heeft ons al ontelbare keren geholpen bij technische problemen aan boord van My Motu. Zodra hij en Jeroen samen over een uitdaging nadenken, lijkt er altijd wel een oplossing te ontstaan. Daarnaast delen Ralph en Jeroen dezelfde passie voor watersport. Zodra de omstandigheden het toelaten, liggen de wingfoils, SUP-boards of snorkelspullen al snel klaar. Maar misschien zijn het juist de eenvoudige momenten die onze vriendschap zo bijzonder maken. Avonden waarop we met een drankje aan boord urenlang kaarten of een bordspel spelen. Hartjagen, Klootzakken, Wizard en Brandi Dog zorgen steevast voor fanatieke strijd, veel gelach en de nodige plagerijtjes.

We hadden zo gehoopt dat we minstens een maand samen in Fulaga zouden kunnen blijven. Daarna zouden wij naar Savusavu zeilen om Tess op te halen, om vervolgens, als de omstandigheden het zouden toelaten, samen met Lille Venn weer terug te keren naar de Lau Group. In een ideaal scenario zouden we daarna met z’n allen richting Taveuni zeilen, zodat ook Tess kon meegenieten van deze prachtige wereld van turquoise water, witte stranden, snorkelen en wingfoilen.

Maar het weer rondom Fiji is al maanden onstuimig en de tocht naar Fulaga was pittig geweest. Na slechts elf dagen alweer vertrekken voelde veel te kort. Toch moesten we een keuze maken. Tess heeft nog niet eerder op een boot gezeten en blijft maar één week, waardoor het onzeker is waar we met haar veilig en ontspannen naartoe kunnen zeilen. Daarom besluiten wij om alleen terug te zeilen naar Savusavu.

Gelukkig blijft Lille Venn niet alleen achter. SV Flora is er ook, die net zulke lieve vrienden zijn en minstens zoveel enthousiasme voor wingfoilen, snorkelen en het eilandleven hebben. Genieten zullen ze dus zeker in Fulaga. Maar toch voelt het vreemd om onze vertrouwde maatjes achter te laten.

Stiekem glijdt er een traantje over mijn wang. Niet omdat we afscheid nemen, maar omdat we beseffen hoeveel deze vriendschap in de afgelopen twee jaar voor ons is gaan betekenen. Ik weet nu al dat wij Ralph en Barbara ontzettend gaan missen.

Na ongeveer een uur op de motor verschijnt eindelijk de beloofde wind. Met een kleine twintig knopen schuin van achteren bolt de genua mooi uit en begint My Motu weer te leven. De boot helt licht over, het water ruist langs de romp en met iedere mijl voelt het alsof we weer precies zijn waar we horen te zijn. Zeilen geeft een gevoel van vrijheid dat moeilijk in woorden te vangen is.

Niet lang geleden vroeg Peter mij of het zeilen met z’n tweeën inmiddels veel zwaarder is geworden dan toen Rajesh nog aan boord was.

Het eerlijke antwoord is: ja en nee.

Ja, omdat we met twee personen simpelweg minder slaap krijgen. Tijdens nachtelijke oversteken wisselen Jeroen en ik elkaar af tijdens de wachten, waardoor de rustmomenten korter zijn dan vroeger.

Maar tegelijkertijd hebben wij het geluk dat My Motu een Amel is, een zeilboot dat ontworpen is om ook met een kleine bemanning comfortabel en veilig te zeilen. Dankzij de vele elektrische systemen kunnen we vrijwel alle zeilen vanuit de veilige kuip bedienen. Dat maakt het varen met twee personen een stuk gemakkelijker dan op veel andere zeilboten.

Missen wij Rajesh? Absoluut.

Niet alleen vanwege de extra handen aan boord, maar vooral omdat hij deel uitmaakt van ons team en onze familie. Tegelijkertijd voelen we ook enorme trots. Het is prachtig om te zien hoe hij inmiddels zijn eigen vleugels uitslaat, de wereld ontdekt en zijn eigen pad volgt. Dat is precies wat wij hem altijd hebben gewenst.

We waren nog niet eerder in of rond Savusavu geweest. Gelukkig kenden Wiebke en Ralf van SV Flora het gebied al goed, dus voordat we vertrokken vroegen we hen om wat praktische tips. Een van de belangrijkste vragen die we altijd stellen wanneer we een nieuwe bestemming aandoen, is of je er ook veilig in het donker kunt aankomen.

Hun advies was duidelijk: vaar ‘s nachts niet rechtstreeks naar het mooringveld. Niet alle mooringballen zijn even goed zichtbaar en rondom sommige liggen ondieptes en koraalkoppen die je in het donker gemakkelijk over het hoofd ziet. Mocht je toch na zonsondergang arriveren, dan is het volgens hen veel veiliger om eerst voor anker te gaan bij het Cousteau Resort, ongeveer drie zeemijl vóór het mooringveld.

Nadat we deze ankerplek hadden bekeken op NoForeignLand en Google Maps gaf dat een gerust gevoel. Ongeacht hoe laat je aankomt, is er een veilige plek om de nacht door te brengen en de volgende ochtend bij daglicht de laatste mijlen naar Savusavu af te leggen.

Toch blijft het ons uitgangspunt om nieuwe bestemmingen zoveel mogelijk overdag binnen te lopen. Niet alleen omdat riffen, ondieptes en andere obstakels dan veel beter zichtbaar zijn, maar vooral omdat het simpelweg een veel veiliger en rustiger gevoel geeft wanneer je een onbekende ankerplaats voor het eerst bij daglicht binnenvaart.

De zeiltocht verloopt bijzonder prettig. Om ons heen zien we overal regenbuien hangen, maar steeds trekken ze nét voor ons langs of verdwijnen ze weer achter ons. Gelukkig hebben ze dit keer nauwelijks invloed op de wind, waardoor we zonder de zeilen voortdurend bij te hoeven stellen rustig kunnen doorzeilen.

Net voor zonsondergang eten we een bord chili con carne en sluiten we af met een kop koffie. Niet veel later begint ons wachtsysteem. Sinds Rajesh van boord is, proberen we tijdens langere oversteken telkens vier uur wacht te lopen en daarna af te wisselen. Tot nu toe bevalt dat verrassend goed. Je kunt zo toch nog een paar uur achter elkaar slapen.

De nacht verloopt probleemloos. Wolkenvelden worden afgewisseld door heldere stukken hemel vol fonkelende sterren. De oceaan ademt kalmte en behalve het zachte ruisen van het water langs de romp is het stil.

Tijdens mijn wacht luister ik naar De Noorse Dochter van Soraya Lane. Inmiddels ben ik aangekomen bij het zevende deel van haar serie De Verloren Dochters. Eerder verslond ik al alle boeken uit de serie. Ben je, net als ik, fan van De Zeven Zussen van Lucinda Riley, dan kan ik de boeken van Soraya Lane van harte aanbevelen. Ze hebben diezelfde heerlijke combinatie van familiegeschiedenis, mysterie, liefde en verre bestemmingen, waardoor de uren tijdens een nachtwacht voorbij lijken te vliegen. 

Langzaam begint de lucht te kleuren en maakt de nacht plaats voor een nieuwe dag. Tegelijkertijd bouwen ook de golven zich langzaam op. Ze worden iets hoger, maar omdat ze schuin van achteren komen, geven ze My Motu juist een extra zetje in de goede richting. De boot surft regelmatig van een golf af, waardoor onze snelheid soms bijna 9,5 knopen is.

Na een lekker ontbijt kruipt Jeroen nog even zijn bed in om wat extra slaap te pakken. Ik blijf buiten zitten en geniet van het ritme van de oceaan. De eindeloze golven, het geluid van het water langs de romp en de frisse zeelucht zorgen ervoor dat de uren ongemerkt voorbijgaan.

Wanneer Jeroen weer wakker is, bekijken we samen de nieuwste weersvoorspellingen en onze positie. We hebben nog iets minder dan 65 zeemijl af te leggen. Als de wind zich zo blijft gedragen als nu, verwachten we rond elf uur ‘s avonds aan te komen. Dat voelt eigenlijk best prettig. Dankzij de tips van Wiebke en Ralf weten we inmiddels dat we veilig kunnen ankeren bij het Cousteau Resort als we pas in het donker arriveren.

Natuurlijk staat tijdens zo’n overtocht ook de vislijn uit. Regelmatig zien we grote groepen zeevogels cirkelen boven het water, een teken dat er vaak scholen vis onder zwemmen. Meerdere keren veranderen we onze koers een klein beetje om er naartoe te varen, maar telkens lijken de vogels precies op het moment dat wij dichterbij komen samen met de vissen een andere richting te kiezen. Alsof ze ons net iets te slim af zijn. Deze overtocht blijft de hengel dan ook leeg en besluiten we lachend dat het vanavond gewoon pasta bolognese wordt.

In de loop van de middag trekt de wind nog iets verder aan. Heel even vragen we ons af of we misschien toch nog vóór zonsondergang binnen kunnen lopen, maar dat blijkt net niet haalbaar. Rond half zeven varen we de pass binnen. Vrijwel direct verdwijnen de oceaangolven achter ons en komen we in het beschutte water aan de binnenkant van het rif. Het is inmiddels donker, maar de spanning van de oceaan maakt plaats voor rust.

Zeilend leggen we de laatste twee zeemijl af richting de ankerplek bij het Cousteau Resort. Jeroen staat voorop met een krachtige zaklamp om eventuele obstakels goed te kunnen zien en om de andere boten in de baai in de gaten te houden. We kiezen een plek wat verder naar achteren in de baai en laten op tweeëntwintig meter diepte het anker zakken. Zodra My Motu stil komt te liggen en het anker zich stevig heeft ingegraven, kan de motor uit. Rust.

Terwijl Jeroen de laatste werkzaamheden aan dek afrondt, duik ik de kombuis in om de pasta bolognese klaar te maken. Met een goed glas rode wijn proosten we samen op opnieuw een prachtige en ontspannen overtocht. Soms hoeft geluk niet ingewikkeld te zijn.

Die nacht slapen we heerlijk. De volgende ochtend zien we direct dat er buiten de pass al meer wind staat. De golven bouwen zich verder op en donkere wolken hangen boven de oceaan. Het slechte weer, waarvoor was gewaarschuwd, is inmiddels duidelijk onderweg. We zijn blij dat we veilig over zijn.

Op de motor varen we op ons gemak naar het mooringveld van Savusavu. We besluiten eerst een mooringbal van Waitui Marina te nemen. Zodra we de marina oproepen via de marifoon, komt er vrijwel direct een medewerker aanvaren om ons te helpen de mooring op te pikken. Daarna worden onze gegevens genoteerd en krijgen we het vriendelijke verzoek ons even te melden zodra we aan wal gaan.

Nadat de dinghy in het water ligt en de buitenboordmotor is gemonteerd, pakken we onze boodschappentassen en varen naar de kant. Eerst melden we ons bij de marina en daarna is het tijd om Savusavu te verkennen.

Savusavu voelt direct heel anders dan de grotere plaatsen in Fiji. Het is een klein, gemoedelijk stadje waar het lijkt alsof de tijd iets langzamer gaat. Langs de hoofdstraat vind je alles wat je als zeiler nodig hebt: een paar supermarkten, een gezellige markt met verse groenten en fruit, kleine bakkerijen en enkele winkels voor de dagelijkse boodschappen. Groot is Savusavu niet, maar juist dat maakt het zo charmant. Voor zeilers zijn er drie marina’s waar je een mooringbal kunt huren.

Het is geen plaats waar je dagenlang gaat winkelen, maar juist een stadje waar alles draait om het ontspannen eilandleven. Mensen groeten elkaar op straat, iedereen lijkt elkaar te kennen en nergens lijkt iemand haast te hebben. Juist die gemoedelijke sfeer maakt Savusavu zo’n fijne plek om een paar dagen of zelfs weken te verblijven.

Aan de overkant van de baai ligt de moderne Nawi Marina, gebouwd op een klein schiereiland dat bijna als een eigen eilandje aanvoelt. Vanuit het centrum vaar je er eenvoudig met de dinghy naartoe. Bij aankomst betalen we drie Fiji dollar om gebruik te mogen maken van de steiger en lopen vervolgens nieuwsgierig een rondje over het terrein.

We zien dat Moana er ligt, maar Mareike blijkt op dat moment niet aan boord te zijn. Wanneer we een Indiaas restaurant zien, besluiten we daar eerst lekker te lunchen. Daarna valt mijn oog op de wellnesssalon waar Wiebke en Ralf van SV Flora zo enthousiast over hadden verteld. Zij hadden hier een fantastische massage gehad en eerlijk gezegd lijkt mij dat na alle zeemijlen ook geen overbodige luxe.

Wanneer ik naar binnen loop om een afspraak te maken, zie ik ineens Mareike staan. Omdat het binnen niet zo groot is, blijf ik even buiten wachten. Zodra ze mij ziet, verschijnt er direct een brede glimlach op haar gezicht. Wat is het toch bijzonder hoe snel je elkaar weer vindt in de zeilerswereld. Alsof de maanden ertussen nooit hebben bestaan.

Al snel spreken we af om de volgende middag bij haar aan boord te komen. Er liggen inmiddels nog meer bekende boten in de baai en iedereen neemt iets te eten en drinken mee. Dat belooft weer een gezellige middag te worden. Voordat we vertrekken maak ik ook meteen een afspraak voor mijn massage.

Diezelfde middag trekt de regen over Savusavu. Tussen de buien door varen we terug naar My Motu, die aan haar mooring om de hoek ligt.

We twijfelen nog even of we voor de komende dagen misschien toch naar de marina zullen verhuizen. Dat is comfortabeler met het voorspelde slechte weer, maar de ligplaats is aanzienlijk duurder dan een mooringbal. Uiteindelijk besluiten we dat de mooring voor ons de beste keuze is. My Motu ligt er veilig en beschut en we hebben nog elf dagen voordat Tess aan boord komt.

Sinds Rajesh zijn eigen avontuur is begonnen, heeft zijn hut langzaam een andere functie gekregen. Waar vroeger zijn spullen lagen, staan nu onze wingfoilspullen opgeborgen en liggen een aantal grote schilderijen waar ik op dit moment aan werk. Voordat Tess arriveert, willen we de boot weer helemaal gastklaar maken.

Buiten laat het weer zich ondertussen van zijn ruige kant zien. Van Barbara en Ralph horen we dat het in Fulaga inmiddels 35 tot 40 knopen waait. Gelukkig hadden we alles goed voorbereid voordat we vertrokken en liggen zowel Flora als Lille Venn daar veilig beschut. Ook hier in Savusavu is het veel frisser dan we de afgelopen maanden gewend waren. Vooral de harde wind voelt opvallend koud. Op zulke momenten beseffen we opnieuw hoeveel geluk we hebben dat we nog net op tijd zijn overgestoken.

Terwijl de regen tegen de ramen tikt, is Jeroen druk bezig de boot opnieuw te organiseren. Dat doen we eigenlijk iedere keer voordat er gasten aan boord komen. Het is altijd een mooi moment om alles weer eens kritisch door onze handen te laten gaan. Hebben we het echt nodig, of neemt het alleen maar kostbare ruimte in beslag? Op een boot is iedere centimeter waardevol, en iedere opruimronde zorgt er weer voor dat My Motu net iets praktischer en ruimer aanvoelt.

Het slechte weer houdt nog een paar dagen aan. Regenbuien volgen elkaar in hoog tempo op en de wind blijft stevig door de baai gieren. Omdat we toch grotendeels binnen zitten, besluiten we deze dagen nuttig te besteden. Er liggen nog genoeg projecten te wachten waar we tijdens het zeilen nauwelijks aan toekomen.

Voor mij betekent dat eindelijk weer tijd om achter de laptop te kruipen. De website van SV My Motu kan wel een flinke update gebruiken. Ik loop verder achter met mijn blogs dan ik van mezelf gewend ben en grijp deze regenachtige dagen aan om die achterstand langzaam in te lopen. Het voelt goed om alle belevenissen weer op papier te zetten, nu ze nog vers in ons geheugen liggen.

Daarnaast neem ik ook mijn andere website, The World of Dots, kritisch onder de loep. Er zijn altijd weer teksten die mooier kunnen, foto’s die vervangen mogen worden en kleine verbeteringen die uiteindelijk samen een groot verschil maken.

Tussen de buien door varen we naar Moana, waar Mareike ons al opwacht. Het wordt een ontzettend gezellige middag en avond. Ook ontmoeten we Ruby, een solozeilster die al geruime tijd onderweg is, en Iwa, die we inmiddels al meer dan drie jaar op de meest onverwachte plekken ter wereld blijven tegenkomen. Meestal bleef het bij een kort praatje vanaf de achterkant, maar nu hebben we eindelijk de tijd om elkaar echt beter te leren kennen. 

Aan het einde van de avond spreken we af om, voordat iedereen verder zeilt, nog één keer met elkaar uit eten te gaan.

Die nacht worden we abrupt wakker.

Een fel schijnsel schijnt door het dakraam naar binnen. Tegelijkertijd hoor ik een ratelend geluid en stemmen langs de romp van My Motu. In eerste instantie weet ik niet wat ik hoor. Nog half slapend maak ik Jeroen wakker. Zonder een woord te zeggen springt hij uit bed en rent naar buiten.

Ik kijk achter uit het raam en mijn hart slaat een slag over.

Aan de achterkant van onze boot verschijnt ineens een enorm anker uit het donker. Het schuift rakelings langs onze duikflessen.

Binnen tien seconden sta ik aangekleed buiten.

Hoewel wij veilig aan een mooringbal liggen, bevindt zich direct naast ons een ondiep koraalrif. In het donker blijkt een grote zeilboot de route naar Nawi Marina verkeerd te hebben ingeschat. In plaats van de vaargeul zijn ze recht het rif op gevaren en zitten muurvast.

Er is geen tijd om na te denken.

We hangen direct meerdere stootwillen aan onze reling om schade te voorkomen. Daarna gooien de opvarenden een lijn naar Jeroen, die deze stevig aan My Motu vastmaakt. Aan boord van de andere boot wordt de lijn op een lier gezet. Langzaam beginnen ze zichzelf naar ons toe te trekken.

Iedereen houdt zijn adem in.

Doordat het pikkedonker is, kunnen we het rif onder water niet zien. We hebben geen idee hoeveel ruimte er nog is. Trekken ze zichzelf langzaam los van het rif, of trekken ze juist óns richting het koraal? Iedere centimeter voelt eindeloos. We vertrouwen erop dat onze mooring de krachten kan opvangen, terwijl we gespannen afwachten wat er gaat gebeuren.

Dan klinkt er ineens vanaf de andere boot: “We are free!”

Jeroen maakt direct de lijn los en roept nog een paar aanwijzingen over de veiligste route terug naar de vaargeul. Heel rustig varen ze achteruit, achter onze boot langs, terug naar de vaargeul. Pas wanneer ze weer veilig op diep water liggen, voelen we de spanning uit onze schouders verdwijnen.

Wat ons misschien nog wel het meest verbaast, is de rust waarmee alles verliep. Ondanks de stress werd er nergens geschreeuwd of in paniek geroepen. Iedereen bleef kalm, dacht logisch na en werkte stap voor stap aan een oplossing. Juist daardoor liep alles uiteindelijk goed af.

Ruim een uur later liggen we weer in bed. Slapen lukt niet meteen. We praten nog na over wat er zojuist is gebeurd en proberen te begrijpen hoe een boot midden in de nacht zo ver uit de vaargeul op het rif terecht heeft kunnen komen. Hoe langer we erover nadenken, hoe minder we het eigenlijk begrijpen.

“O ja,” vraag ik ineens aan Jeroen, “weet jij eigenlijk hoe die boot heet?”

Hij kijkt me aan en schudt zijn hoofd. “Geen idee.”

Ik moet lachen. “Ik ook niet.”

Het is allebei volledig langs ons heen gegaan. Op dat moment waren we alleen maar bezig met twee dingen: ervoor zorgen dat zij veilig van het rif afkwamen én dat My Motu geen schade zou oplopen. Wie ze waren of hoe de boot heette, deed er op dat moment simpelweg niet toe.

Pas drie dagen later, wanneer we rustig in de kuip zitten, horen we iemand hard naar ons fluiten. Op een passerende zeilboot zwaait iemand enthousiast naar ons. “Thank you!” roept hij, terwijl de grote, ongeveer 65 voet lange zeilboot langzaam voorbij vaart. Dan pas beseffen we dat dit de boot is die we die nacht hadden geholpen.

We zwaaien enthousiast terug en roepen: “Safe travels!” Daarna verdwijnen ze langzaam uit het zicht, op weg naar hun volgende bestemming. We hopen dat de rest van hun reis een stuk rustiger verloopt dan die bewuste nacht.


We hadden ook onze visumverlenging voor Fiji online aangevraagd. Een toeristenvisum is maximaal vier maanden geldig, maar online kun je een aanvraag indienen om nog eens twee maanden langer te mogen blijven. We dienen allebei dezelfde aanvraag in, maar tot onze verbazing wordt alleen die van mij goedgekeurd. De aanvraag van Jeroen is afgewezen, zonder dat daar een duidelijke reden voor wordt gegeven.

Jeroen besluit daarom langs te gaan bij Immigration in Savusavu om uitleg te vragen. Gelukkig treft hij een ontzettend behulpzame immigratiebeambte. Zij bekijkt de aanvraag zorgvuldig, neemt direct contact op met de collega die de beslissing heeft genomen en belooft dat we zo snel mogelijk iets zullen horen.

Twee dagen later gaat inderdaad de telefoon. De medewerkster vertelt dat er een fout is gemaakt en biedt daarvoor haar excuses aan. Ook Jeroens aanvraag wordt alsnog goedgekeurd.

We besluiten nog even te wachten met het laten zetten van de verlengingsstempels in onze paspoorten. Eerst is het tijd voor iets waar we al maanden naar uitkijken: Tess komt naar Fiji.

Ruim op tijd staan we op het kleine vliegveld van Savusavu te wachten. Het vliegveld bestaat uit niet veel meer dan een eenvoudige wachtruimte onder een groot afdak, waar vertrekkende en aankomende passagiers gezellig door elkaar zitten. Zoals zo vaak in Fiji raken we al snel aan de praat met verschillende mensen terwijl we wachten.

Na ruim een uur kijken we nog eens richting de landingsbaan, maar er verschijnt geen vliegtuig. In plaats daarvan stopt er ineens een taxi voor de ingang.

De achterdeur gaat open…

“Tess!”

Blijkbaar waren er problemen met haar oorspronkelijke vlucht. Omdat ze al vroeg in Nadi was aangekomen, had de luchtvaartmaatschappij haar omgeboekt naar Labasa, aan de andere kant van het eiland. Vanaf daar had ze nog ruim anderhalf uur met de taxi moeten rijden naar Savusavu.

We vliegen elkaar in de armen. Het is alweer zeven jaar geleden dat we elkaar voor het laatst hebben gezien. Niet veel later lopen we samen naar de steiger, waar de dinghy al op ons ligt te wachten om Tess eindelijk welkom te heten aan boord van My Motu.

Dat Tess een week later alweer afscheid zou nemen, konden we ons op dat moment nog niet voorstellen. Eerst wachtte ons een week vol nieuwe herinneringen. Welke avonturen we samen beleefden? Die vertellen we in de volgende blog.

REACTIES AAN BOORD

Laat een bericht achter

Deel een gedachte, vraag of groet. Je reactie wordt eerst door Aagje gelezen voordat hij hier verschijnt.

Reacties laden…