Terwijl we bij Kadavu voor anker lagen, kwam 1 oktober steeds dichterbij. Een datum die al een tijdje in onze agenda stond, maar waar ik eerlijk gezegd nog niet zo veel bij had stilgestaan. We zouden naar Vuda Marina varen en vervolgens op een andere boot stappen. Niet voor een paar dagen, maar voor drie maanden. Sinds we in juli 2022 uit de British Virgin Islands vertrokken, is My Motu niet alleen onze boot geweest, maar vooral ons huis. De plek waar we slapen, koken, lachen, soms mopperen, plannen maken en waar bijna al onze avonturen beginnen. Natuurlijk hebben we haar onderweg al vaker een tijdje achtergelaten, maar dit keer voelde het toch anders. Normaal gesproken stappen we na een reis weer aan boord om samen met My Motu verder te varen. Nu zouden wij zelf een flinke oceaanoversteek maken, terwijl zij gewoon in Fiji bleef liggen. Een heel ander soort avontuur, en eerlijk gezegd waren we vooral ontzettend nieuwsgierig hoe dat zou bevallen.
Inmiddels kennen we ieder geluidje van My Motu, ieder kraakje en vrijwel iedere eigenaardigheid. We weten hoe ze reageert op de golven, wanneer ze heerlijk zeilt en wanneer ze het wat zwaarder heeft. Ze bracht ons van eiland naar eiland, van land naar land en uiteindelijk door het Panamakanaal naar een oceaan die onze manier van reizen behoorlijk zou veranderen. Want hoewel we inmiddels op beide oceanen heel wat zeemijlen hebben afgelegd, blijft het verschil tussen het Caribisch gebied en de Pacific enorm.
In het Caribisch gebied ligt alles relatief dichtbij. Vaak vaar je 's morgens weg, hijst de zeilen en laat je aan het einde van de middag je anker alweer vallen bij het volgende eiland, soms zelfs in een ander land. Natuurlijk zijn er langere oversteken en heeft ook het Caribisch gebied zijn uitdagingen, met squalls, stroming, sargassum en soms een enorme drukte op het water, maar toch voelt het allemaal overzichtelijk. Je kunt relatief eenvoudig van plan veranderen, ergens een paar dagen langer blijven of besluiten toch nog een ander eiland te bezoeken, zonder dat dit meteen grote gevolgen heeft voor de rest van je route.
En dan vaar je door het Panamakanaal.
Aan de ene kant vaar je naar binnen en een aantal uren en een paar sluizen later ligt er ineens een compleet nieuwe oceaan voor je. De Pacific. Alleen dat woord al.
Vanaf Panama City voeren we eerst naar Las Perlas en eigenlijk merkten we daar al dat er iets veranderde. De natuur leek groter te worden, wilder misschien, met bultrugwalvissen, dolfijnen, haaien en grote tonijnen, waardoor dat grote zeeleven ineens overal om ons heen leek te zijn. Maar er veranderde nog iets, iets wat misschien nog wel meer invloed zou krijgen op onze manier van reizen: de afstanden.
Na Panama ligt er niet simpelweg een volgend eiland een paar uur verderop, maar moet je keuzes maken die bepalen waar je maanden later terechtkomt. Varen we langs de kust omhoog? Gaan we naar de Galápagos? Misschien naar Paaseiland? Of zetten we de boeg naar het westen en beginnen we aan die enorme oversteek naar Frans-Polynesië? Ineens praat je niet meer over een nachtje doorvaren, maar over weken op zee.
En toch is dat ook precies wat ons zo aantrekt in dit leven. Het onbekende achter de horizon, dat bijzondere gevoel wanneer na dagen of weken op zee eindelijk land verschijnt en de nieuwsgierigheid naar wat we daar zullen aantreffen. Een nieuw eiland, een andere cultuur, mensen die op een heel andere manier leven dan wij gewend zijn en plekken waar je misschien nooit zou komen als je niet met je eigen boot onderweg was.
Inmiddels zijn we heel wat van die weken en heel wat zeemijlen verder. We hebben Frans-Polynesië ontdekt, de Tuamotu's, de Cookeilanden en uiteindelijk Fiji bereikt. We zijn op plekken geweest waarvan we een paar jaar geleden nauwelijks wisten dat ze bestonden en hebben onderweg dingen meegemaakt waarvan we vooraf niet eens hadden kunnen bedenken dat ze onderdeel van onze reis zouden worden. Juist dat onverwachte maakt het reizen zo bijzonder, want hoe goed je iets vooraf ook probeert te bedenken, de werkelijkheid blijkt vaak heel anders en regelmatig nog veel mooier.
En nu zijn we hier, aan de andere kant van de wereld, en komt opnieuw die ene vraag naar boven: waar gaan we hierna eigenlijk naartoe?
Op een wereldkaart lijkt het zo eenvoudig. Je trekt gewoon een lijntje verder naar het westen, richting Vanuatu, Nieuw-Caledonië, Australië, Papoea-Nieuw-Guinea en Indonesië, want de wereld ligt tenslotte nog steeds voor ons. En natuurlijk zijn we nieuwsgierig naar die landen, naar de natuur, de mensen, de verschillende culturen en alles wat we daar nog zouden kunnen ontdekken. Er zijn nog zoveel plekken die we graag eens met eigen ogen zouden willen zien, maar hoe langer we onderweg zijn, hoe meer we beseffen dat een route uit veel meer bestaat dan alleen een lijn op een kaart.
We praten regelmatig met zeilers die ons een paar jaar voor zijn, mensen die inmiddels verder naar het westen zijn gevaren richting Papoea-Nieuw-Guinea en Indonesië, en opvallend vaak horen we dezelfde woorden: 'Geniet van de Pacific. Dit is het mooiste stuk.'
Natuurlijk is dat persoonlijk, want wat de één geweldig vindt, vindt een ander helemaal niets, maar we horen ook verhalen die ons aan het denken zetten. Verhalen over steeds drukker wordend water, enorme aantallen vissersboten, netten en vislijnen en kleine boten zonder AIS die 's nachts nauwelijks zichtbaar zijn. Ook horen we over lijnen die in schroeven terechtkomen en zelfs over aanvaringen met geankerde zeilboten.
Van één zo'n verhaal zouden we waarschijnlijk niet wakker liggen, maar inmiddels kennen we zeker vijf boten waarvan de bemanning vergelijkbare ervaringen heeft gehad. Dat betekent natuurlijk niet dat het overal zo is of dat wij hetzelfde zullen meemaken, maar het zorgt er wel voor dat we anders naar dat volgende deel van onze reis kijken.
Want hoewel we nog altijd nieuwsgierig zijn naar wat er verderop ligt, vragen we ons steeds vaker af waarom we eigenlijk haast zouden maken. We hebben tenslotte geen einddatum waarop we ergens moeten aankomen en niemand die ons verplicht een bepaalde route te volgen. Toch sluipt er onderweg soms ongemerkt een soort vanzelfsprekendheid in. Andere zeilers varen verder, dus misschien moeten wij dat ook maar doen. Alsof er ergens een ongeschreven regel bestaat dat je pas echt op wereldreis bent wanneer je voortdurend nieuwe landen aan je lijstje toevoegt.
Maar wie heeft die regel eigenlijk bedacht?
Misschien komt dat ook doordat we het hier in Fiji zo ontzettend naar onze zin hebben. We kunnen snorkelen en duiken, het onderwaterleven is prachtig en na weken in afgelegen gebieden is het soms heerlijk om weer ergens te komen waar verse groenten, fruit en andere boodschappen verkrijgbaar zijn. Maar bovenal zijn het de mensen die ervoor zorgen dat we ons hier zo thuis voelen.
Vooral de Lau Group heeft ons hart gestolen, met de kleine dorpen, het sevusevu, de warmte waarmee mensen je ontvangen en dat bijzondere gevoel dat je niet alleen ergens voor anker ligt, maar voor heel even onderdeel mag zijn van een plek. Het zijn juist die eenvoudige ontmoetingen die ons bijblijven, wanneer iemand je uitnodigt om binnen te komen, er thee wordt gezet en een bezoekje dat misschien maar kort zou duren ongemerkt veel langer wordt.
Het doet ons denken aan de Tuamotu's in Frans-Polynesië, ook zo'n gebied waar we veel langer hadden kunnen blijven dan we oorspronkelijk hadden bedacht. Misschien zijn dat uiteindelijk wel de plekken die het beste bij ons passen. Niet de drukke toeristische bestemmingen waar alles aanwezig is, maar juist de kleine eilanden waar het leven eenvoudig is en de oceaan nog een groot deel van het dagelijks leven bepaalt.
Ook het weer speelt mee, want sinds april hebben we regelmatig het gevoel dat het anders is dan vorig jaar. Wisselvalliger, onstuimiger en vooral kouder, terwijl ook de voorspellingen regelmatig minder goed lijken uit te komen. Een prachtige zeildag met vijftien knopen wind kan zomaar veranderen in uren motoren omdat er nog maar zes knopen overblijven, terwijl een rustig weervenster uiteindelijk veel onrustiger kan uitpakken dan voorspeld.
Maar goed, de natuur leest onze weerapps niet en misschien hoeven wij onze eigen plannen ook niet altijd zo letterlijk te volgen. We zijn tenslotte juist aan dit avontuur begonnen omdat we meer vrijheid wilden, en daar hoort blijkbaar ook bij dat je soms plannen maakt om ze vervolgens weer helemaal te veranderen.
En dat hebben we inmiddels behoorlijk grondig gedaan.
Want één ding stond vast: My Motu zou dit jaar niet naar Nieuw-Zeeland varen.
Op 28 september voeren we richting Nadi en niet veel later lag ze in Vuda Marina. Daar hebben we haar zo goed mogelijk voorbereid op de komende maanden. Alles wat wind kan vangen moest eraf of extra worden vastgezet, lijnen werden gecontroleerd en verdubbeld en spullen opgeborgen. Het cycloonseizoen komt eraan en hoewel je nooit alle risico's kunt uitsluiten, wilden we natuurlijk met een gerust gevoel vertrekken.
Maar gelukkig hoefden we niet meteen afscheid te nemen van het zeilen.
Ralph van Lille Venn wilde namelijk met zijn catamaran naar Nieuw-Zeeland varen. Barbara was tijdelijk in Zwitserland en voor de oversteek zocht hij bemanning. Eigenlijk vielen daarmee ineens een paar puzzelstukjes op hun plaats. Jeroen en ik hadden wel zin in een nieuw avontuur, Ralph kon extra handen gebruiken en wij kregen de kans om eens te ervaren hoe het is om een flinke oceaanoversteek te maken op een catamaran.
Na duizenden zeemijlen op onze eigen boot zouden we ineens als crew aan boord stappen bij iemand anders. Niet als schipper van ons eigen drijvende huis, waar we precies weten hoe alles werkt en waar alles ligt, maar op een boot met een heel andere indeling, andere systemen en ongetwijfeld ook een heel ander zeilgedrag.
En eerlijk gezegd vonden we dat best spannend, maar vooral ontzettend leuk.
Op 3 oktober vlogen we van Nadi naar Suva, waar Ralph met Lille Venn op ons wachtte. Diezelfde dag vertrokken we alweer, dit keer met een catamaran richting het zuiden.
Onze eerste bestemming was Minerva Reef, een bijzondere plek midden in de oceaan waar we al veel over hadden gehoord, maar die we zelf nog nooit hadden bezocht. Na drie dagen zeilen kwamen we daar aan en inmiddels liggen we op een plek die bijna onwerkelijk mooi is.
Maar daarover vertel ik jullie graag meer in een volgende blog, want Minerva Reef verdient absoluut een eigen verhaal.
Als het weer meewerkt, varen we binnenkort verder naar Nieuw-Zeeland, waar we nog even willen rondkijken voordat ons volgende avontuur begint. Want in de tweede helft van november vliegen we naar India, naar Rajesh!
En daar kijken we natuurlijk ontzettend naar uit. Na al die maanden van eilanden, ankerplekken, riffen en zeiltochten is het heerlijk om straks weer uitgebreid tijd met onze zoon door te brengen. Niet even een paar dagen op bezoek, maar echt samen zijn, bijkletsen, dingen ondernemen en genieten van elkaars gezelschap, zonder dat we alweer op de kalender hoeven te kijken wanneer we verder moeten. We blijven tot 4 januari in India en hebben dus ook de feestdagen en de jaarwisseling om samen door te brengen. Hoe bijzonder ons leven op zee ook is, dit zijn toch de momenten waar we minstens zo veel naar uitkijken.
Na ons verblijf in India vliegen we terug naar Fiji, waar het volgende avontuur alweer op ons wacht. Want voordat we in maart naar Nederland vertrekken, moeten we met My Motu eerst nog even de grens over. Haar huidige verblijfsperiode in Fiji loopt namelijk af en om haar opnieuw voor een langere periode in Fiji te mogen laten liggen, moeten we het land officieel verlaten en daarna weer inklaren. Gelukkig is dat toegestaan en hebben we daarvoor Wallis & Futuna op het oog.
En eigenlijk vinden we dat helemaal geen vervelende verplichting, want zo krijgen we meteen de kans om weer een paar nieuwe eilanden te ontdekken! Natuurlijk moeten we wel zorgvuldig plannen, want januari en februari vallen midden in het cycloonseizoen. We zullen dus een veilig weervenster moeten afwachten en daar voldoende tijd voor moeten reserveren. Deze tocht is namelijk noodzakelijk om My Motu tijdens onze werkperiode in Nederland in Fiji te kunnen achterlaten.
Zo hebben we na ons bezoek aan Rajesh dus nog een paar maanden om alles voor te bereiden, een nieuwe bestemming te ontdekken en ervoor te zorgen dat My Motu straks weer veilig in Fiji kan blijven wanneer wij naar Nederland vliegen.
En daarna? Dan gaan we voor een paar maanden terug naar Nederland.
Inmiddels zijn onze vliegtickets geboekt en op 17 maart 2027 komen we samen aan in Nederland. We blijven tot 16 augustus en in die maanden gaan we allebei weer aan het werk. Ik ga opnieuw aan de slag bij Lagas Tandartsen in Veenendaal en Jeroen bij Hanno Weet Raad. En daar kijken we allebei ook echt weer naar uit. Het is heerlijk om zo lang te kunnen reizen en zoveel bijzondere plekken te ontdekken, maar we vinden ons werk allebei nog steeds ontzettend leuk. Voor mij betekent het weer patiënten behandelen, collega's terugzien en mijn vak uitoefenen, terwijl Jeroen zich opnieuw kan uitleven met zijn technische kennis en zijn twee rechterhanden.
En dit keer hebben we het ook nog eens slim gepland, want we komen in het voorjaar naar Nederland! Geen donkere winterdagen, dikke truien en ijskoude ochtenden, maar hopelijk lekker voorjaarsweer, langere dagen en de zomer die nog voor ons ligt. Onze winterjassen kunnen dus gewoon op zolder blijven liggen. Nou ja, laten we hopen dat het Nederlandse weer daar ook een beetje aan meewerkt!
Natuurlijk kijken we er minstens zo naar uit om familie en vrienden weer te zien. Want hoe mooi het leven aan de andere kant van de wereld ook is, er zijn altijd mensen die je mist en die je niet zomaar even kunt opzoeken. Vier maanden in Nederland betekent voor ons dus niet alleen werken, maar ook uitgebreid bijkletsen, samen eten, mensen bezoeken en genieten van alles wat we daar soms toch best missen.
En ondertussen hebben we ook alweer plannen gemaakt voor wanneer we terugkomen in Fiji.
Want hoewel we nog steeds ontzettend genieten van deze eilanden en hier best wat langer zouden kunnen blijven, blijft ook onze nieuwsgierigheid naar nieuwe landen bestaan. We hebben inmiddels besloten dat we na onze terugkeer in augustus 2027 met My Motu verder willen varen richting Vanuatu, Nieuw-Caledonië en uiteindelijk Australië.
Dat voelt als een mooie volgende stap. Niet omdat we ergens moeten aankomen of omdat een wereldkaart nu eenmaal vraagt om een lijntje dat steeds verderloopt, maar omdat we zin hebben om opnieuw onbekende plekken te ontdekken.
Of alles precies zo zal verlopen? Geen idee.
Als de afgelopen jaren ons iets hebben geleerd, dan is het wel dat plannen op een zeilboot vooral heel handig zijn om vervolgens weer te veranderen. Het weer, de seizoenen, de mensen die je ontmoet en soms gewoon je eigen gevoel kunnen ervoor zorgen dat je ineens een heel andere kant op vaart dan je een paar maanden eerder had bedacht.
Toen we in 2022 aan onze reis begonnen, hadden we een globaal idee van de richting waarin we wilden varen. We zouden de wereld ontdekken, nieuwe landen bezoeken en vooral genieten van de vrijheid die een eigen zeilboot ons gaf. En dat doen we nog steeds, alleen blijkt die vrijheid in de praktijk iets anders te zijn dan we vooraf misschien hadden gedacht.
In het begin voelde vrijheid vooral als overal naartoe kunnen varen. Nu ontdekken we dat vrijheid misschien nog wel meer betekent dat je niet verder hóéft te varen. Dat je ergens langer mag blijven omdat het er goed voelt, dat je plannen mag veranderen en dat je een oceaan niet hoeft over te steken omdat dat nu eenmaal de meest logische volgende lijn op de wereldkaart lijkt.
En misschien is dat wel het mooiste aan de manier waarop we inmiddels reizen. We hoeven niet voortdurend onderweg te zijn om het gevoel te hebben dat we op reis zijn.
Wanneer we straks in Nederland zijn, krijgen we waarschijnlijk weer heel vaak dezelfde vraag: 'En waar gaan jullie daarna naartoe?'
Dit keer hebben we zelfs al een antwoord, al weten we inmiddels ook dat er onderweg nog van alles kan veranderen. Maar misschien is dat juist wat deze reis zo bijzonder maakt. We ontdekken niet alleen steeds nieuwe plekken, maar leren onderweg ook steeds beter wat voor ons belangrijk is.
Want onze reis hoeft geen rechte lijn rond de wereld te zijn.
Het mag onze eigen lijn zijn.
En die is nog lang niet af.

REACTIES AAN BOORD
Laat een bericht achter
Deel een gedachte, vraag of groet. Je reactie wordt eerst door Aagje gelezen voordat hij hier verschijnt.
Reacties laden…